Een overvloed aan regio's voorkomen
KML-regio's kunnen de gebruikerservaring aanzienlijk verbeteren. Met deze functie kunt u ervoor zorgen dat dicht bij elkaar geplaatste plaatsmarkeringen pas op een lage hoogte zichtbaar worden, kunt u beelden in hoge resolutie splitsen en deze in een steeds hoger detailniveau laten weergeven met behulp van superoverlays en kunt u nieuwe KML-bestanden dynamisch laden afhankelijk van de locatie van de kijker. Hier volgen enkele KML's die gebruikmaken van regio's:
Aangezien er voor het maken van regio's in Google Earth geen gebruikersinterface beschikbaar is, wordt in deze zelfstudie uitgelegd hoe u een regio kunt maken door een andere KML-functie met een soortgelijke structuur aan te passen - de grondoverlay.
Voordat u begint
Als u deze zelfstudie wilt voltooien, moet u:
Over beeldoverlays
Als u ooit een beeldoverlay in Google Earth heeft gezien, zal u mogelijk zijn opgevallen dat zij doorgaans rechthoekig zijn. U stelt het formaat en de positie van een beeldoverlay in door de noordelijke, zuidelijke, oostelijke en westelijke randen van het beeld te definiëren.
Opmerking: Beeldoverlays in Google Earth worden in de KML gemaakt met de tag <GroundOverlay>. In deze zelfstudie worden beide termen door elkaar gebruikt.
Zoek het begrenzingskader in een voorbeeld van een beeldoverlay:
- Klik hier om de bovenstaande beeldoverlay te downloaden.
- Dubbelklik op het gedownloade bestand om het in Google Earth te openen.
- Klik met de rechtermuisknop op de beeldoverlay onder het document Voorbeeld beeldoverlay in het deelvenster Plaatsen en selecteer Eigenschappen in het contextmenu.
- Selecteer het tabblad Locatie.
Op dit tabblad worden de noordelijke, zuidelijke, oostelijke en westelijke randen van de beeldoverlay weergegeven.

De beeldoverlay aanpassen:
- Verplaats het venster Beeldoverlay bewerken, zodat u de beeldoverlay op de kaart kunt zien.
- Pas het formaat en de vorm van de beeldoverlay aan door op de groene zijkanten en hoeken ('grepen') te klikken en deze te slepen. (Beweeg de cursor langzaam over de groene grepen tot de cursor verandert in een dubbele pijl. Vervolgens kunt u op de grepen klikken en ze slepen.)
- Verplaats de beeldoverlay door op het kruis in het midden van de overlay te klikken en het te slepen. (Beweeg de cursor langzaam over het groene kruis in het midden, totdat de cursor verandert in een wijzende vinger. Vervolgens kunt u de beeldoverlay verplaatsen.)

De oorspronkelijke beeldoverlay herstellen:
- Als u na het doorvoeren van de wijzigingen nog niet op OK heeft geklikt in het venster Beeldoverlay bewerken, kunt u nog op Annuleren klikken om het origineel te herstellen.
- Als u na het doorvoeren van de wijzigingen al op OK heeft geklikt, klikt u met de rechtermuisknop op Beeldoverlay in het deelvenster Plaatsen en selecteert u Herstellen in het contextmenu om het origineel te herstellen.
Over regio's
Regio's regelen de zichtbaarheid van plaatsmarkeringen en andere KML-functies via de definitie van twee parameters:
- Breedte, lengte en hoogte
- Detailniveau
Breedte-, lengte- en hoogtekader
Regio's definiëren een platte rechthoek (tweedimensionaal gebied) of een 3D-kader (driedimensionaal volume) op de kaart. Aangezien regio's onzichtbaar zijn, moet u naar de rechthoekige KML-polygoon (linksonder) en geëxtrudeerde polygoon/3D-kader (rechtsonder) kijken om een regio te visualiseren. Beide hebben dezelfde noordelijke, zuidelijke, oostelijke en westelijke randen, maar voor het kader 'Regio' (rechts) is ook een hoogtewaarde gedefinieerd die de regio hoogte geeft.

Detailniveau
Regio's definiëren tevens hoe groot de rechthoek of het kader op het scherm moet worden weergegeven, voordat deze worden in- of uitgeschakeld. Deze meting is de vierkantswortel van het gebied dat de regio op uw scherm beslaat, gemeten in pixels.
Als u bijvoorbeeld aangeeft dat de platte regio (linksonder) een minLodPixels
van 128 heeft, moet het ten minste 128 x 128 pixels groot zijn in Google Earth, voordat het wordt ingeschakeld. Houd er rekening mee dat het 3D-kader (rechtsonder) ook ongeveer 128 x 128 pixels groot is in Google Earth, wat betekent dat het kader ook ingeschakeld zou zijn.

Waarom 3D-kaders?
Waarom zou u regio's gebruiken die niet plat zijn? Omdat 3D-kaders handig zijn als u regio's op driedimensionale SketchUp-modellen toepast. Regio's worden gebruikt om functies in of uit te schakelen, afhankelijk van hoe dichtbij u bent.
Met een 3D-model zoals het Empire State Building (zie onder) kunt u heel dicht bij een model met een platte regio komen (links) als de camera in de richting van de horizon wordt gekanteld (dat wil zeggen, omhoog wordt gekanteld), zonder dat deze groot genoeg is om op het scherm te worden ingeschakeld. Door van de regio een 3D-kader te maken dat het 3D-model omgeeft, kunt u het model van de zijkant bekijken en de regio nog steeds op een acceptabele afstand inschakelen (rechts). Meer informatie over het maken van 3D-regio's met behulp van de tags <minAltitude> en <maxAltitude> vindt u in het gedeelte Regio's van de Zelfstudie voor KML 2.1.

Een vergelijking tussen <GroundOverlay> en <Region>
De KML's voor een <GroundOverlay> en <Region> lijken erg op elkaar. Beide maken gebruik van een begrenzingskader om de noordelijke, zuidelijke, oostelijke en westelijke randen te definiëren. Vergelijk hieronder op welke manier een eenvoudige grondoverlay (links) en een regio (rechts) in de KML worden weergegeven:
|
GroundOverlay |
|
Region |
<GroundOverlay> <name>Voorbeeld grondoverlay</name> <Icon> <href>white_square.png</href> </Icon> |
|
<Region> <Lod> <minLodPixels>128</minLodPixels> </Lod> |
<LatLonBox> <north>45</north> <south>0</south> <east>90</east> <west>0</west> </LatLonBox> |
|
<LatLonAltBox> <north>45</north> <south>0</south> <east>90</east> <west>0</west> </LatLonAltBox> |
</GroundOverlay> |
|
</Region> |
In een grondoverlay wordt het begrenzingskader een <LatLonBox> genoemd. In een regio wordt dit kader <LatLonAltBox> genoemd. Door optioneel de tags <minAltitude>
en <maxAltitude> aan de LatLonAltBox van een regio (niet opgenomen in bovenstaand voorbeeld) toe te voegen, maakt u een 3D-regio voor gebruik met 3D-SketchUp-modellen.
Een regio maken door een grondoverlay aan te passen
Nu u de overeenkomsten tussen regio's en grondoverlays kent, kunt u leren hoe u de ene kunt gebruiken om de andere te maken. Download het KMZ-bestand Voorbeeld beeldoverlay als u dat nog niet heeft gedaan, en download vervolgens de KMZ-bestanden Brooklyn Hospitals en Region Size Guide:
Laad al deze bestanden in Google Earth. Zodra het bestand Brooklyn Hospitals
is geladen, zoomt u weg van New York City om te zien hoe alle pictogrammen en labels elkaar overlappen en niet goed zichtbaar zijn vanaf grotere hoogten. U kunt de ervaring verbeteren door een regio te laten bepalen wanneer deze plaatsmarkeringen zichtbaar worden. De schermoverlay aanpassen:
De overlay is een beetje te groot en staat niet helemaal in het midden voor onze ziekenhuizen. Dus we gaan nu als eerste de positie en het formaat van de beeldoverlay verfijnen.
- Dubbelklik op Beeldoverlay in het document Voorbeeld beeldoverlay om weer in te zoomen.
- Als u hulp nodig heeft bij het op maat maken en verplaatsen van uw beeldoverlay, kunt u gebruikmaken van de plaatsmarkering Bounding Box Guides onder de beeldoverlay— schakel de markering in door het selectievakje naast de naam in het deelvenster Plaatsen aan te vinken. Er verschijnen vier gele pijlen die de voorgestelde noordelijke, zuidelijke, oostelijke en westelijke randen voor uw beeldoverlay aangeven.
- Klik met de rechtermuisknop op Beeldoverlay in het deelvenster Plaatsen en selecteer Eigenschappen in het contextmenu.
- Houd de Shift-toets ingedrukt en klik op de randen van de beeldoverlay en sleep deze om de overlay wat kleiner te maken.
Opmerking: als u de Shift-toets ingedrukt houdt, blijft de hoogte-breedteverhouding van het beeld gehandhaafd en behoudt de overlay zijn rechthoekige vorm.
Uw regio's hoeven niet vierkant te zijn, maar in deze zelfstudie is de beeldoverlay vierkant.
- Klik op het kruis in het midden van de beeldoverlay en sleep het naar een positie waar alle pictogrammen van de ziekenhuizen door de overlay worden bedekt.
- Stel het formaat van de overlay indien nodig opnieuw in.
- Als u klaar bent met het aanpassen van de beeldoverlay, klikt u op OK in het dialoogvenster Beeldoverlay bewerken.
- Als u de plaatsmarkering Bounding Box Guides heeft gebruikt, moet u op het bijbehorende selectievakje in het deelvenster Plaatsen klikken om deze weer uit te schakelen.

Uw detailniveau definiëren:
- Vink het selectievakje naast Region Size Guide aan in het deelvenster Plaatsen om deze functie in te schakelen.
Er verschijnen gele kaders van verschillende formaten op het scherm. Dit is een schermoverlay die werkt als een leidraad, ongeacht waar u zich op de aarde bevindt.
- Druk op R om ervoor te zorgen dat u naar het noorden kijkt en dat u recht naar beneden op de aarde neerkijkt (geen kantelhoek).
- Vergroot of verklein het formaat van de beeldoverlay, zodat deze overeenkomt met een van de gele kaders.
Deze functie helpt u te bepalen welk detailniveau voor uw plaatsmarkering optimaal is. Vergeet niet dat de Region Size Guide slechts een schatting is. Hoewel de kaderafmetingen zijn gelabeld, blijft de berekening van het formaat van de regio op het scherm complex en afhankelijk van talloze variabelen, waaronder de ronding van de aarde en de kantelhoek van de camera. Als u een formaat kiest, moet u er rekening mee houden dat de regio op ongeveer die afstand van de aarde wordt weergegeven.
- Zoom uit totdat de beeldoverlay ongeveer het formaat van het gele kader 256 x 256 heeft.
- Als u een minimaal detailniveau voor deze plaatsmarkeringen op 256 pixels aangeeft, zullen ze onzichtbaar zijn, totdat het formaat van de regio, die we zullen maken op basis van uw aangepaste beeldoverlay, minimaal dit formaat op uw scherm heeft.

De beeldoverlay naar een teksteditor kopiëren:
- Klik met de rechtermuisknop op Voorbeeld beeldoverlay in het deelvenster Plaatsen en selecteer Kopiëren in het contextmenu.
- Open een teksteditor, zoals Notepad of Notepad++ voor Windows, TextPad of BBEdit voor Mac OS X of jEdit voor alle platformen (aanbevolen).
- Plak de KML-code voor de beeldoverlay in een leeg document.
Bewerk de tag <GroundOverlay>:
- Verwijder alles behalve de twee tags <LatLonBox> en </LatLonBox> en hun inhoud.
<LatLonAltBox> <north>40.708019</north> <south>40.596643</south> <east>-73.895570</east> <west>-74.042349</west> </LatLonAltBox>
- Wijzig <LatLonBox> en </LatLonBox> in <LatLonAltBox> en </LatLonAltBox>.
- Als u een 3D-regio wilt maken, raadpleegt u het gedeelte Hoogte in de Zelfstudie voor KML 2.1 op de pagina over de aanvullende tags die u moet toevoegen (<min/maxAltitude> en <altitudeMode>).
- Geef 256 op als minimale LOD-grootte (Level of Detail) door de tags <Lod> en <minLodPixels> als volgt achter de tag </LatLonAltBox> toe te voegen.
<Lod> <minLodPixels>256</minLodPixels> </Lod>
- Voeg de openings- en sluitingstags <Region> en </Region> boven en onder de KML-code toe die u tot dusver heeft.
Als u klaar bent, ziet het geheel er ongeveer als volgt uit:
<Region> <LatLonAltBox> <north>40.708019</north> <south>40.596643</south> <east>-73.895570</east> <west>-74.042349</west> </LatLonAltBox> <Lod> <minLodPixels>256</minLodPixels> </Lod> </Region>
- Sla het bestand op uw computer op als region.kml.
Uw nieuwe regio toevoegen aan de map Brooklyn Hospitals:
- Klik in Google Earth met de rechtermuisknop op Brooklyn Hospitals in het deelvenster Plaatsen en selecteer Kopiëren in het contextmenu.
- Open een nieuw leeg document in uw teksteditor en plak de KML-code voor de map Brooklyn Hospitals in het document.
- Sla het bestand op uw computer op als hospitals_region.kml, maar sluit het bestand niet.
- Open het bestand region.kml en selecteer en kopieer de volledige KML voor uw regio.
- Ga terug naar hospitals_region.kml, plaats de cursor boven aan het bestand en zoek vervolgens naar de openingstag <Folder>.
<Folder> <name>Brooklyn Hospitals</name>
HIER REGIO PLAKKEN
... overige KML-tags
<Placemark>
- Plak de regio die u heeft gekopieerd, in de regel na de tag </name>. Het begin van het gedeelte <Folder> van het bestand hospitals_region.kml moet er ongeveer als volgt uitzien:
<Folder> <name>Brooklyn Hospitals</name> <Region> <LatLonAltBox> <north>40.708019</north> <south>40.596643</south> <east>-73.895570</east> <west>-74.042349</west> </LatLonAltBox> <Lod> <minLodPixels>256</minLodPixels> </Lod> </Region>
... overige KML-tags
<Placemark>
- Sla het bestand hospitals_region.kml op.
Uw nieuwe KML met regio's testen:
- Verwijder in Google Earth de oorspronkelijke map Brooklyn Hospitals en open vervolgens het nieuwe bestand hospitals_region.kml dat u heeft gemaakt.
- Zoom in en uit op het gebied Brooklyn.
Als de beeldoverlay kleiner wordt dan het gele vierkant van 256 x 256, moeten alle plaatsmarkeringen voor ziekenhuizen in Brooklyn verdwijnen.

Links: regio is inactief. Het gebied op het scherm is kleiner dan het minimale LOD-formaat (Level of Detail) van 256 pixels.
Rechts: regio is actief. Het gebied op het scherm is groter dan het minimale LOD-formaat van 256 pixels.
- Als de plaatsmarkeringen niet verdwijnen als u uitzoomt, probeert u deze kant-en-klare ziekenhuis-KML met regio's
te laden. U kunt dit bestand vergelijken met het bestand dat u heeft gemaakt, en kijken waar u een fout heeft gemaakt.
Wat kunnen regio's nog meer?
Regio's hebben niet alleen invloed op mappen. U kunt ze aan elke functie in Google Earth toevoegen, zoals: 3D-modellen, plaatsmarkeringen, beeldoverlays, polygonen en paden. Plak gewoon een regio in de KML-tag van de betreffende functie. Houd er rekening mee dat een regio die in een functie (zoals plaatsmarkeringen, modellen, enzovoort) is gedefinieerd, voorrang krijgt boven de regio die in de bovenliggende map is opgenomen. U kunt dus een regio voor talrijke minder belangrijke plaatsmarkeringen in een map definiëren, maar nog steeds een belangrijke plaatsmarkering zichtbaar houden op grotere afstanden.
Veelgestelde vragen
V. Wanneer moet ik regio’s gebruiken?
Regio’s kunnen voor veel doeleinden worden gebruikt, waarvan de meeste buiten deze zelfstudie vallen. Hiertoe behoren o. a.:
- Als u een grote hoeveelheid plaatsmarkeringen heeft die het scherm onoverzichtelijk maken
- Als u beeldoverlays in een steeds hoger detailniveau wilt laten weergeven naarmate u dichterbij komt zonder de computer van de gebruiker te zwaar te belasten (zie ‘superoverlays’ hieronder).
- Als u een hiërarchie van functies wilt weergeven, zoals KML-landsgrenzen die langzaam verdwijnen terwijl de staatsgrenzen verschijnen
- 3D-modellen vormen vaak een zware belasting voor uw computer, zelfs als ze te ver weg zijn om te kunnen zien. Gebruik een regio voor uw modellen om ze te laten verdwijnen als de gebruiker ver weg is
- Zorg ervoor dat schermoverlays verschijnen zodra gebruikers dicht bij functies komen waarvoor een toelichting of een legenda vereist is
V: Wat zijn goede waarden voor min/maxLodPixels pixels?
Een waarde van 128 pixels is ideaal op grond van de manier waarop Google Earth omgaat met het zoomen van beeldblokken en andere functies, maar is niet altijd handig afhankelijk van uw wensen. Waarden die optimaal zijn voor minLodPixels zijn machten van twee: 64, 128, 256, 512, 1024, 2048, enz. (2^6 = 64, 2^7 = 128), maar andere waarden zullen ook werken: bijv, 100, 500, 1000.
V: Kan ik een functie laten verdwijnen naarmate ik er dichterbij kom?
Ja. In plaats van <minLodPixels> in uw regio te gebruiken, kiest u voor <maxLodPixels>. Als het schermgebied van de regio de gedefinieerde pixelwaarde bereikt, zal deze functie of map verdwijnen. Deze methode is handig voor functies als kaarten in lage resolutie of historische satellietbeelden die vanaf een grote afstand van de aarde moeten verschijnen, maar weer moeten verdwijnen als u dichter bij de grond komt waar ze de satellietbeelden in hoge resolutie zouden verbergen.
V. Wat gebeurt er als ik zowel een <minLodPixels> als een <maxLodPixels> definieer?
Als u zowel een minimale als een maximale LOD-waarde voor uw regio definieert, verschijnt de functie als de afmeting de <minLodPixels> bereikt en verdwijnt weer als de afmeting de <maxLodPixels> bereikt. U moet er wel altijd voor zorgen dat de maximale waarde groter is dan de minimale waarde.
Deze methode is nuttig als u in uw KML meerdere detailniveaus wilt opnemen. Voorbeeld: op een grote hoogte kunt u een 3D-SketchUp-model van een piramide laten weergeven door een eenvoudige plaatsmarkering. Als u dichterbij komt, kunt u overschakelen naar een eenvoudige omtrek van de piramide met behulp van een platte polygoon. En op korte afstand zou u het daadwerkelijke 3D-model kunnen tonen. In dit geval gebruikt u drie regio’s met dezelfde <LatLonAltBox> en andere, maar elkaar overlappende instellingen voor <Lod>:
- Enkele plaatsmarkering, zichtbaar vanuit de ruimte tot een gemiddelde afstand: <maxLodPixels>256</maxLodPixels>
- Polygoonomtrek van de piramide, zichtbaar vanaf een gemiddelde tot korte afstand: <minLodPixels>256</minLodPixels> en <maxLodPixels>1024</maxLodPixels>
- 3D-model van de piramide: zichtbaar vanaf een korte afstand en van heel dichtbij: <minLodPixels>1024</minLodPixels
V: Hoe maak ik mijn functies zichtbaar ongeacht de afstand waarop ik in- en uitzoom?
Als u geen maximale LOD-waarde definieert, wordt de waarde standaard ingesteld op -1. Dat betekent dat de functie zichtbaar is, ongeacht de afstand waarop u inzoomt. Als u dit expliciet wilt definiëren, gebruikt u <maxLodPixels>-1</maxLodPixels>.
Als u geen minimale LOD-waarde definieert, wordt de waarde standaard ingesteld op 0. Dat betekent dat de functie zichtbaar is, ongeacht de afstand waarop u uitzoomt. Als u dit expliciet wilt definiëren, gebruikt u <minLodPixels>0</minLodPixels>.
V. Wat is <min/maxFadeExtent>?
Zoals beschreven in de Zelfstudie voor KML 2.1 kunt u een fade-effect voor uw regio definiëren. Dat betekent dat sommige functies langzaam verschijnen of verdwijnen, in plaats van dat ze ineens opduiken of weggaan. De fade-functie werkt echter alleen bij beeldoverlays, schermoverlays, polygonen en paden. 3D-modellen en normale plaatsmarkeringen verschijnen en verdwijnen onmiddellijk.
V. Waarom verschijnt mijn regio op lage hoogte als ik een kleiner beeldscherm gebruik?
Het gebied van een regio op het beeldscherm is afhankelijk van de afmeting van het 3D-weergavevenster van Google Earth. Daarom worden regio’s afhankelijk van de schermgrootte op verschillende hoogten geactiveerd en gedeactiveerd. U kunt hiermee experimenteren door uw venster van Google Earth te minimaliseren en de rechterbenedenhoek te slepen om het formaat te wijzigen. Aangezien de hoogte van de camera niet verandert als u het formaat van het Google Earth-venster wijzigt, moet alles worden verkleind om dezelfde afstand tot de aarde te behouden.
Op grond van dit veranderende gedrag moet u uw regio's altijd op beeldschermen van gemiddelde grootte testen; de meeste gebruikers van Google Earth gebruiken een schermweergave van 1024x768 pixels. Om een idee te krijgen van hoe alles werkt op de beeldschermen van gebruikers, wijzigt u het formaat van het weergavevenster van Google Earth naar 640x480 of 800x600. U wijzigt het formaat van het weergavevenster door Weergave > Weergavegrootte> Weergave op computer in Google Earth te kiezen en vervolgens een weergavegrootte te kiezen.
Download dit KMZ-voorbeeldbestand voor enkele voorbeelden die betrekking hebben op deze vragen.
Krachtige hulpmiddelen voor regio’s:
Met regio’s kunt u veel meer doen dan alleen afzonderlijke functies uitschakelen op een bepaald zoomniveau. Wanneer u een combinatie van netwerklinks en regio’s gebruikt, kunt u een genest systeem van KML’s maken die plaatsmarkeringen of beeldoverlays (zogenoemde superoverlays) kunnen laden op een steeds hoger detailniveau terwijl u inzoomt.
Ga voor voorbeelden van superoverlays naar de KML’s van NASA: Blue Marble op OnEarth of bekijk Rumsey Historal Maps die te vinden zijn in de map "Belangrijkste inhoud" in het venster Lagen.
Superoverlays zijn te complex om ze handmatig in een KML te maken. Er zijn enkele hulpmiddelen beschikbaar om superoverlays automatisch te maken. Met deze hulpmiddelen worden hoge-resolutiebeelden opgedeeld in blokken en wordt een KML met regio’s gegenereerd om deze blokken te activeren op een steeds hoger detailniveau terwijl u inzoomt. Houd er rekening mee dat de drie op Windows gebaseerde producten niet officieel door Google worden ondersteund. Superoverlays maken:
Regio's aan plaatsmarkeringen toevoegen:
Met de zogenoemde "Regionator" Python-bibliotheek kunt u bovendien duizenden plaatsmarkeringen, polygonen en paden voor een beter overzicht scheiden in aparte regio’s. Een voorbeeld: u wilt een KML-laag maken met alle ziekenhuizen in de Verenigde Staten (wellicht tien- of honderdduizend punten) zonder dat de gebruiker al op een grote hoogte wordt overweldigd door alle informatie. In dit geval is de ‘Regionator’ een uitstekend hulpmiddel.
De ‘Regionator’ biedt daarnaast veel andere KML-hulpmiddelen, zoals een linkchecker die uw KML’s doorzoekt op hyperlinks, beelden en links naar andere KML’s en ontbrekende bestanden of onjuiste URL’s meldt. Houd er rekening mee dat dit een programmeerbibliotheek in de programmeertaal Python is. Als u dit programma wilt gebruiken, moet u beschikken over enige programmeerervaring en ervaring in het gebruik van de opdrachtregel.
Discussie / feedback
Heeft u vragen over deze handleiding? Wilt u ons een reactie sturen? Ga naar Google Earth Outreach-discussiegroep en bespreek uw ervaringen met anderen.
Wat nu?
|